Nieuwe Energie voor Groenoord

Groenoord is een wijk in Schiedam die als een van de eerste wijken in Nederland aardgasvrij wordt gemaakt in 2030. We noemen dit project ‘Nieuwe Energie voor Groenoord’. Nieuwe Energie voor Groenoord is een samenwerking van de overheidsorganisaties Gemeente Schiedam en Provincie Zuid-Holland, de woningcorporatie Woonplus Schiedam, het energiebedrijf Eneco Warmte Koude B.V. en netbeheerder Stedin.

Green deal

Deze organisaties hebben begin 2017 met elkaar een zogenaamde green deal gesloten, in het Nederlands een ‘groene afspraak’. Green deals zijn afspraken tussen de overheid en andere partijen. Die andere partijen zijn bedrijven, maatschappelijke organisaties en andere overheden. Een Green Deal helpt om duurzame plannen uit te voeren. Bijvoorbeeld voor energie, klimaat, of verduurzaming van de economie.

De partijen van Nieuwe Energie voor Groenoord hebben in hun green deal onderzocht hoe de energievoorziening in de wijken Groenoord (en later ook Nieuwland) duurzaam gemaakt kan worden, met als doel:

  • Bewoners van Groenoord kunnen vanaf 2030 zonder aardgas koken, douchen en verwarmen.
  • Dit wordt gerealiseerd tegen de laagst mogelijke maatschappelijke kosten.
  • De CO2-uitstoot bij de energievoorziening wordt zo ver mogelijk beperkt.

Gemeenteraad

De onderzoeksresultaten hebben geleid tot een plan voor een warmtenet. In december 2020 heeft de gemeenteraad van Schiedam ingestemd met het plan van Woonplus, de gemeente en Eneco. De drie partijen hebben diverse subsidies binnengehaald uit Europa, het rijk en provincie. Hierdoor ontstaat de mogelijkheid om de hele wijk aan te pakken. Samen met bewoners wordt gekeken hoe de plannen een concrete invulling kunnen krijgen.

Voor meer informatie kunt u de website www.nieuweenergieschiedam.nl raadplegen.

Diverse bewoners hebben Woonplus vragen gesteld. Deze vragen en antwoorden kunt u lezen op: https://www.woonplus.nl/ik-huur/overige-vragen/vragen-van-bewoners-groenoord/

Vragen en antwoorden van particuliere eigenaren staan hieronder:

Vraag Antwoord
Door toegestane rekenmodellen lijkt het project, op dit moment nog, rekenkundig als duurzaam neergezet te kunnen worden. Gezien alle discussies is de vraag hoelang dit houdbaar blijft. (vuilverbranding, biomassa, bodemas als restproduct, import- afval om de oven goed brandend te houden en het bij verwarmen met aardgas in warmtestation wanneer dat nodig is). De berekeningen ten aanzien van de CO2 reductie zijn berekend op basis van de huidige bronnen van het warmtenet. Met de huidige bronnen van het warmtenet wordt direct 50% CO2 uitstoot gereduceerd. De bronnen van het warmtenet kunnen op de website van Eneco onder warmte-etiket worden bekeken. Ook heeft Eneco zich gecommitteerd aan de afspraken in het klimaatakkoord en het klimaatpact. Dat betekent dat in 2030 de bronnen zodanig zijn verduurzaamd dat 70% CO2 reductie wordt gerealiseerd en in 2040 is alle warmte voorzien met duurzame bronnen. Deze afspraken zijn ook vastgelegd in de Concessie tussen gemeente en Eneco.
Zowel de getoonde scenario’s: b en b+ en c modellen sluiten, evenmin als het warmtenet, niet aan op de klimaatdoelstelling van 2050. Nieuwe investeringen en desinvesteringen door bewoners, zijn nu al meer verwacht dan niet verwacht. Een vraag van de bewoners is dan ook waarom zij een risicovolle lening voor een niet duurzame oplossing en voor een duur van 30 jaar aan zouden gaan?

De klimaatdoelstelling is 49% minder CO2-uitstoot in 2030 ten opzichte van 1990 en 95% minder CO2 uitstoot in 2050.

De woningaanpassing door Woonplus aan de huurwoningen voldoet aan de eisen die gesteld worden aan de CO2 reductie in 2030. De afspraken met Eneco zijn, dat in de toekomst het aandeel duurzame warmte zal stijgen (zie ook antwoord vraag 1). Daarmee wordt dus ook de stap gezet naar de doelstelling in 2050, zonder dat dat aanvullende bouwkundige ingrepen vraagt. Daarom is het aangaan van een lening een goede keuze en niet risicovol voor de bewoner.

De eerste resultaten zijn binnengekomen n.a.v. energiescans. Het valt op dat niet wordt aangetoond wat de CO2 besparing is. Daarnaast lijken er relatief simpele isolatie-oplossingen geboden te worden, niet toegespitst op bijvoorbeeld koudebruggen e.d.?

De menukaart geeft niet de CO2 besparing weer. Dat zal toegevoegd worden. Dat is op basis van de huidige duurzaamheid van de warmte (zie vraag 1 en 2).

De menukaart geeft een drietal varianten weer met steeds verdergaande isolerende maatregelen. De meest vergaande variant, zeer energiezuinig, neemt alle koudebruggen mee aangezien de gehele schil op nieuwbouwkwaliteit wordt geïsoleerd. De verschillen tussen de varianten worden met iedere VvE besproken. Voor de 17 gemengde VvE’s zal dat in het voorjaar van 2021 gedaan worden.

In hoeverre is Woonplus bereid samen naar projecten te kijken met een hoger rendement? Hier liggen zowel financieel kansen voor Woonplus als het oplossen en voorkomen van problemen met koudebruggen, vochtaanslag en ventilatie.

Woonplus is bereid om naar verdergaande varianten te kijken en dit te bespreken met de VvE’s. Met de uitkomst van de menukaart kan de VvE de keuze maken welke variant zij wil laten uitwerken. Dit is een onderdeel van de volgende fase na raadpleging van de leden van iedere VVE.

Het is fijn dat Woonplus bereid is haar beschikbare kennis te delen. In hoeverre zou woonplus ook willen delen in de kennis en inzichten van de VvE’s en GBG om zo samen tot de beste oplossing te komen?

Woonplus wil graag kennisdelen. Dat geldt  dus ook voor de kennis en inzichten die de GBG of ander partijen hebben verzameld. Vanuit de Participatietafel is aangegeven dat verschillende thema’s besproken worden door kennis van de verschillende partijen bij elkaar te brengen. Deze bijeenkomsten zijn toegankelijk  voor de inwoners van Groenoord en worden vanaf voorjaar 2021 georganiseerd .

In hoeverre is Woonplus bereid om samen naar deze adviezen en onderzoeken te kijken en te werken aan een plan dat  aansluit op de klimaatdoelstellingen voor 2050?

Zie antwoord voorgaande vragen, Woonplus is daartoe bereid.

Op de reactie van de bewoners dat wij ons voor 30 jaar aan een commerciële monopolist verbinden, geeft Woonplus aan dat de bewoners beschermd worden door de warmtewet. Dat deze warmtewet onvoldoende beschermd is helaas al op vele plaatsen in Nederland aangetoond. Kunt u ons vertellen op welke datum precies de gasprijs losgekoppeld wordt van de levering van warmte?

Wanneer een huis of appartementengebouw is aangesloten op een warmtenet kan je niet wisselen van warmteleverancier. De Warmtewet bewaakt de rechten en plichten van consumenten. De Warmtewet:

  1. zorgt ervoor dat je zeker bent van de levering van warmte;
  2. garandeert betaalbare tarieven, nooit boven het maximum van de overheid;
  3. bepaalt rechten en plichten bij het meten van warmtegebruik;
  4. zorgt dat je alleen betaalt voor daadwerkelijk geleverde warmte;
  5. zorgt voor een financiële vergoeding bij een ernstige storing;

Het loskoppelen van de warmteprijs van de gasprijs is een besluit van de Rijksoverheid. En dat is op dit moment nog niet bekend. Precies vanwege dit punt en deze zorg is met Eneco een korting op het vastrecht van warmte overeengekomen. Deze korting geldt tot 2028. De verwachting is dat de nieuwe warmtewet dan in werking treedt.

De nieuwe beoogde warmtewet moet, onder andere, ook meer zekerheid bieden aan de leverancier over door te belasten kosten. Kunt u ons vertellen wanneer de nieuwe warmtewet precies ingaat en wat de exacte inhoud hiervan is?

Zie antwoord vraag 7. De consultatie van de nieuwe warmtewet was  in de zomer van 2020. Dit wordt een Rijksbesluit in een volgend kabinet.

Op een van de punten inzake verduurzaming geeft Woonplus het volgende antwoord: “De infrastructuur van een warmtenet kan bij uitstek gebruikt worden om ook nog verder mee te verduurzamen. Warmte uit bijvoorbeeld geothermie kan in de toekomst prima worden aangesloten op het dan aanwezige warmtenet.”

Van Eneco hebben wij begrepen dat het warmtestation en daarmee het warmtenet niet geschikt is om aan te sluiten op een andere bron zoals geothermie. Daarnaast is het verlies van 20% 30% per  definitie niet duurzaam. Bovendien is Geothermie (voor de benodigde diepte) 6 x zo duur (ontwikkeling en levering) dan afvalwarmte.

In hoeverre is Woonplus bereid om deze informatie met Groenoord Belangen Groep te bekijken en zo haar bewoners te beschermen tegen grote prijsstijgingen in de toekomst? 

De hoofdinfrastructuur van het warmtenet, de Leiding over Noord langs de A20, is met meerdere bronnen te voeden. Daarmee komt het uiteindelijk ook in Groenoord. Het is juist dat een andere bron alleen op het warmtenet in Groenoord moeilijk inpasbaar is. 

De Regionale Energie Strategie Regio-Rotterdam-Den-Haag (RES) geeft inzicht in het aanbod en de vraag naar duurzame energie in onze regio. Hieruit blijkt dat er in 2050 een veelvoud is aan duurzame warmte ten opzichte van de vraag, terwijl er een groot tekort is aan duurzame elektriciteit en groen gas ten opzichte van de vraag.

De toekomst zal bepalen welke bronnen het meest duurzaam en betaalbaar zullen zijn. De infrastructuur van het warmtenet maakt het wel mogelijk andere verwarmingsbronnen toe te passen. Dat zal regionaal georganiseerd worden. Zie verder het antwoord op vraag 5 over de bereidheid tot het delen van kennis met elkaar.

Graag een verduidelijking op het antwoord van de volgende vraag; ‘Hoe gebruikt Woonplus haar aandeel stemrecht in de VvE’s ? Er is nu geantwoord dat punten worden meegewogen. In het verleden is zonder voorbehoud medegedeeld dat Woonplus haar meerderheidsbelang in bezit van gemengde complexen niet zou gebruiken om een keuze “door te drukken”. Is dit standpunt gewijzigd?

Het standpunt van Woonplus is daarin niet gewijzigd en sluit aan bij de vragen 3 en 4. Woonplus als lid van de VvE gaat graag in gesprek met de overige leden van de VvE over de uitkomsten van de menukaarten, dus over de verschillende opties die er mogelijk zijn. 

Door jullie antwoord op onze vraag hoe duurzaam het warmtenet is, heeft de GBG de volgende vraag doorgekregen:

“Beste Woonplus, uit de verstrekte informatie over uitstoot krijgen wij het beeld dat jullie onderbouwing op beperkte dan wel misleidende informatie gebaseerd is. Afvalverbranding stoot ca  70% meer CO2 uit dan een HR++ gasketel. In hoeverre zijn jullie bereid om samen met ons naar  deze cijfers te kijken. Om investeringsrisico’s voor woonplus en haar bewoners te voorkomen?”

De berekeningen ten aanzien van de CO2 uitstoot zijn gebaseerd op de prestatie van het huidige Rotterdamse warmtenet en het Elektriciteitsnet. Voor het elektriciteitnet liggen de normen vast in NEN 7120, deze normen zijn geldig voor heel Nederland. Voor een warmtenet werkt dit anders, omdat de warmtenetten niet aan elkaar zijn gekoppeld. De duurzaamheid van het warmtenet wordt uitgedrukt in Equivalent Opwekkingsrendement (EOR), deze zijn vastgelegd in kwaliteitsverklaringen. De kwaliteitsverklaringen worden getoetst door het College van Gelijkwaardigheid Energieprestatie.

Woonplus wil graag kennis delen (zie antwoord van vraag 5). Deze kennis is gebaseerd op geldende normen en objectief gehanteerde criteria.

Het antwoord met betrekking tot draagvlak heeft bij ons de volgende vraag opgeleverd:

Er wordt gesteld dat er voldoende tijd is. Anderzijds moeten we op korte termijn kiezen of we partner van het project worden. Woonplus gaf aan dat dit alleen een juridische noodzaak is voor de subsidie maar dat we binnen twee jaar tijd altijd uit het partnerschap kunnen stappen. Wij zouden  graag van woonplus horen waar en hoe deze constructie met de genoemde juridische noodzaak in elkaar steekt?  Waar bestaat die juridische noodzaak uit? Hoe eenvoudig is het om weer uit het partnerschap te stappen en welke gevolgen heeft dat?

Woonplus heeft “Kansen voor West” subsidie aangevraagd en toegekend gekregen. Het is altijd de insteek geweest dat de subsidie ten goede zou komen voor de gemengde VvE’s zodat de particuliere eigenaren daar ook van kunnen profiteren. Na toekenning van de subsidie bleek dat een woningcorporatie geen verkregen subsidie mag weggeven aan derden. De Woningwet verbiedt dat. Woonplus heeft in de zomer van 2020 onderzoek laten doen naar wegen die het toch mogelijk kunnen maken om deze subsidiemiddelen bij de VvE te laten landen. De enige oplossing waardoor VvE’s toch voor deze subsidie in aanmerking kunnen komen is om de VvE’s formeel projectpartner te maken. Daarmee ontstaat er een formele relatie tussen de VvE en de subsidievertrekker. Daarmee wordt de beperking van de Woningwet omzeild.  De subsidieverstrekker heeft hiermee ingestemd.

Voor de verdere inhoudelijke punten wordt verwezen naar vraag 10 n.a.v. de eerdere vraagstelling.

Er wordt verwezen naar een democratisch besluit van de gemeenteraad op 15 december. De vraag blijft of de beslissing is genomen aan de hand van de juiste informatie?

De gemeenteraad heeft een besluit genomen op basis van alle beschikbare kennis en informatie.

Vragen van Individuele particuliere Eigenaren:

Vraag Antwoord
Kan een VvE waar je lid van bent, een bewoner/eigenaar  dwingen om mee te doen?   Indien er onderhoud/vervanging van collectieve zaken aan de orde is (zoals leidingen  of afvoeren of een collectieve cv installatie), dan kan de VvE daartoe besluiten. In dat geval zal iedere eigenaar daaraan moeten meewerken.
In het koopcontract is toch geen collectieve levering van warmwater opgenomen? Eigenaren binnen de VvE bepalen gezamenlijk welke keuzes er gemaakt worden. De menukaarten geeft alle bewoners meer inzicht in de effecten van de verschillende varianten. Daarmee kunnen alle bewoners een geïnformeerde keuze maken.